Contact opnemen:
“Ik wil begrijpen en voor anderen inzichtelijk maken hoe een plek in elkaar zit, zodat je van daaruit samen kan gaan sleutelen aan een goed plan"
Peter Rosmulder
“Als stedenbouwkundige word ik graag vroeg in het proces betrokken; in de dialoog die dan plaatsvindt zit wat mij betreft de grootste kwaliteitswinst.”
Na negen jaar bij een ruimtelijk-economisch adviesbureau kan Peter nu bij het Gelders Genootschap de blik verbreden: “Ik ben de afgelopen jaren gefascineerd geraakt door de dynamiek van publieke ontmoetingsplekken: wat maakt dat mensen graag in het centrum van hun dorp, wijk of stad komen? Waar in mijn vorige werk bij DTNP zaken als vestigingsklimaat en marktruimte de boventoon voerden, komen nu bij het Gelders Genootschap juist thema’s als identiteit, uitstraling en verblijfskwaliteit meer aan bod. Samen maken al deze thema’s van een voorzieningencluster ook echt een aantrekkelijke ontmoetingsplek.”
Peter woont sinds kort in de Achterhoek, waar hij geniet van het prachtige Gelderse landschap. “Voorheen was ik in Nijmegen al twee of drie kilometer aan het hardlopen voordat ik de stad uit was; nu in Doetinchem loop je binnen de kilometer al op een onverhard pad. Als geboren Brabander ben ik heel blij om weer dichter bij de natuur te zijn.”
Tijdens zijn studie in Delft heeft Peter zich ook verdiept in de relatie tussen stad en land: hoe breng je het groen de wijk in, of hoe kun je barrières slechten zodat het makkelijker is om vanuit huis een ommetje te maken door het landschap? “Dit zijn vragen die ik altijd meeneem in mijn stedenbouwkundige advisering: hoe kunnen we met een nieuwe woningbouwontwikkeling ook iets toevoegen voor de mensen die er al wonen? Soms kan één extra wandel- of fietspad al heel veel doen voor het woongenot in een dorp of stad.”
Wat wist je nog niet over mij?
In de vrije tijd gaat Peter er graag op uit met het gezin, maar ook van een avond (of weekend) bordspellen spelen wordt hij enthousiast. “Vakantie is voor mij wandelen in de Oostenrijkse bergen tijdens de zomervakantie, en in de herfst uitwaaien op een Waddeneiland.”